Wat er niet is is ook niet
want er is slechts dit gebeid
en de rest wordt maar gedacht.
Waar het dag is is geen nacht.
Hiervoor hoef ik niets te doen.
Als bij een versleten schoen
worden veters overbodig,
is een borstel niet meer nodig.
Ik wil zijn met wat er is
want dan loopik nooit iets mis.
Kom ik nooit iets anders tegen,
is er dan nog wel bewegen?
Niets komt dan nog ongelegen
want wat is is hoogst gedegen.
dinsdag 4 februari 2014
maandag 3 februari 2014
Versleten.
Als ik eenmaal investeer
eis ik daarvan ook de eer.
Als dat niet lukt doet dat zeer,
ongeacht hoe ik mij weer.
Ik wil altijd nog meer weten
en ik raak daarvan bezeten
maar soms ben ik dat vergeten
want dan is de tas versleten
waarin ik schriftenvol bewaarde
en die fladderen ter aarde.
Dan heb ik mijn handen vrij.
Geen gedachte is van mij.
Ik blijf achter als wat klei
of een lelieblanke kei.
eis ik daarvan ook de eer.
Als dat niet lukt doet dat zeer,
ongeacht hoe ik mij weer.
Ik wil altijd nog meer weten
en ik raak daarvan bezeten
maar soms ben ik dat vergeten
want dan is de tas versleten
waarin ik schriftenvol bewaarde
en die fladderen ter aarde.
Dan heb ik mijn handen vrij.
Geen gedachte is van mij.
Ik blijf achter als wat klei
of een lelieblanke kei.
In de gaten.
Ik zoek steeds iets naar mijn gading
of wacht lang op een ontlading
waarmee ik mijzelf kwel
en dit azen op ervaring
zorgt ervoor dat ik mij stel
in verzekerde bewaring.
Maar nu krijg ik in de gaten
dat ik dit zou kunnen laten
en kan rusten in een veld
waarin weten niet meer telt.
Wat gebeurt komt onvoorspeld,
heeft geen notie van geweld,
kost geen moeite, zorg of geld
en verschijnt onaangemeld.
of wacht lang op een ontlading
waarmee ik mijzelf kwel
en dit azen op ervaring
zorgt ervoor dat ik mij stel
in verzekerde bewaring.
Maar nu krijg ik in de gaten
dat ik dit zou kunnen laten
en kan rusten in een veld
waarin weten niet meer telt.
Wat gebeurt komt onvoorspeld,
heeft geen notie van geweld,
kost geen moeite, zorg of geld
en verschijnt onaangemeld.
Deeltjes.
Men kan ruimte blijven delen
tot in de oneindigheid.
Maar dit gaat een keer vervelen
en het is verspilde tijd.
Men weet immers vantevoren
dat aan delen zijden horen:
of zij groot zijn dan wel klein,
dit zal altijd eender zijn.
Hiervoor hoeft men niet te reizen
of in een spelonk te gluren
want dit vraagt niet om bewijzen
en men hoeft niets af te vuren.
Dit scheelt wel een hoop geweld
en bespaart een smak met geld.
tot in de oneindigheid.
Maar dit gaat een keer vervelen
en het is verspilde tijd.
Men weet immers vantevoren
dat aan delen zijden horen:
of zij groot zijn dan wel klein,
dit zal altijd eender zijn.
Hiervoor hoeft men niet te reizen
of in een spelonk te gluren
want dit vraagt niet om bewijzen
en men hoeft niets af te vuren.
Dit scheelt wel een hoop geweld
en bespaart een smak met geld.
Grondstof.
Mededogen is ontvouwen
en dan wordt de veelheid een.
Hierop kan ik vast vertrouwen,
specifiek en algemeen.
Ik kan het ook zo beschouwen:
het is altijd toch weer steen
waar een beeld uit wordt gehouwen.
Zonder grondstof is er geen.
Denk ik dat dit niet zo is
zorg ik voor een hindernis
waardoor ik meeleven mis.
Soms voel ik mij als een vis
die niet weet wat water is
waardoor ik mij dan vergis.
en dan wordt de veelheid een.
Hierop kan ik vast vertrouwen,
specifiek en algemeen.
Ik kan het ook zo beschouwen:
het is altijd toch weer steen
waar een beeld uit wordt gehouwen.
Zonder grondstof is er geen.
Denk ik dat dit niet zo is
zorg ik voor een hindernis
waardoor ik meeleven mis.
Soms voel ik mij als een vis
die niet weet wat water is
waardoor ik mij dan vergis.
Slapen.
Als ik moe ben ga ik gapen
want de dag is haast voorbij.
Het wordt tijd dat ik ga slapen,
dan ben ik van zorgen vrij
en wordt Morpheus zelfs mijn wapen
tegen pech en averij.
Bij het tellen van mijn schapen
ga ik liggen op mijn zij
en een diepte, ongeschapen,
maakt een lege schim van mij.
Ik hoef niets bijeen te schrapen
en drijf mee op het getij
dat piraten wel laat kapen
maar niet schrikt van hun kwarwei.
want de dag is haast voorbij.
Het wordt tijd dat ik ga slapen,
dan ben ik van zorgen vrij
en wordt Morpheus zelfs mijn wapen
tegen pech en averij.
Bij het tellen van mijn schapen
ga ik liggen op mijn zij
en een diepte, ongeschapen,
maakt een lege schim van mij.
Ik hoef niets bijeen te schrapen
en drijf mee op het getij
dat piraten wel laat kapen
maar niet schrikt van hun kwarwei.
Twee scenario's.
Er zijn twee scenario's,
met hun impressario's,
over hoe de wereld kwam:
uit de geest of uit een vlam.
Het laatste spreekt over een knal
als de start van het heelal
en het eerste over Eden
als de oorzaak van het heden.
Dit is minder lang geleden,
ofschoon ook in het verleden
wat op zich niet meer bestaat.
Ik zie enkel een gelaat
met zijn groeven en zijn voren
maar zie het alleen van voren.
Alles wat erachter is
is alleen geschiedenis
die ik hier veronderstel
zoals vlees onder mijn vel.
Als ik dan iets moet gaan geloven
geef ik toch de voorkeur boven
een gedecideerde klap
aan een appel voor de grap-.
met hun impressario's,
over hoe de wereld kwam:
uit de geest of uit een vlam.
Het laatste spreekt over een knal
als de start van het heelal
en het eerste over Eden
als de oorzaak van het heden.
Dit is minder lang geleden,
ofschoon ook in het verleden
wat op zich niet meer bestaat.
Ik zie enkel een gelaat
met zijn groeven en zijn voren
maar zie het alleen van voren.
Alles wat erachter is
is alleen geschiedenis
die ik hier veronderstel
zoals vlees onder mijn vel.
Als ik dan iets moet gaan geloven
geef ik toch de voorkeur boven
een gedecideerde klap
aan een appel voor de grap-.
Abonneren op:
Posts (Atom)